Pieter Albers
Speurtocht naar de Emslandkampen. Vijftien verschrikkelijke kampen, net over de grens ...
,,Het
gesar, het geweld van de bewakers: het was verschrikkelijk. Het begon bij de
aankomst in het kamp. We moesten in looppas, rennen, je laten vallen, opstaan,
je laten vallen, opstaan, je naar links in de modder laten vallen, opstaan, je
naar rechts in de modder laten vallen. Gaat het volgens de bewakers te
langzaam, dan trappen ze je of slaan met hun geweer. Aan de slachtoffers is
geen droog draadje of plekje meer te vinden. Velen braken..."
Dit citaat is van
Günter Daus, overlevende van een van de vijftien concentratiekampen die vlak
over de grens met Drenthe en Groningen in Duitsland hebben gestaan. Deze Emslandlager staan, in tegenstelling tot bijvoorbeeld
Auschwitz en Dachau, niet synoniem voor de verschrikkingen van de Tweede
Wereldoorlog. De kampen in het Emsland zijn eenvoudigweg jarenlang
doodgezwegen.
Emmenaar Pieter Albers heeft aan de hand van
publicaties, mondelinge getuigenissen, boeken en radio-uitzendingen de
geschiedenis van de kampen op papier gezet in Speurtocht naar de Emslandkampen.
In het net uitgekomen boekwerkje zet Albers mogelijke redenen op een rij waarom
de kampen werden verzwegen. Misschien was er na Auschwitz geen plaats meer voor
nog meer leed. Mogelijk wilde de plaatselijk bevolking de kampen zo snel
mogelijk vergeten door er niet over te praten: "Men moet naar de toekomst
kijken, niet naar het verleden".
Nederland speelde in ieder geval een kwalijke rol.
In de kampen zaten voor de oorlog politieke gevangenen: tegenstanders van het
Nazi-regime. Ontsnapte gevangenen werden door de Nederlandse marechaussee
zonder aarzelen overgeleverd aan de Duitsers. Vaak werden ze terug naar het
kamp doodgeschoten. Op de vlucht neergeschoten, heette dat dan. ,,Ze moeten
toch geweten hebben wat er aan de hand was in die kampen", zegt Daus over
de Hollandse douane. Pas in de jaren tachtig drongen vooral jonge Duitsers aan
op het niet vergeten van de gruwelijke geschiedenis van de kampen, waar in de
periode van 1933 tot en met 1945 tussen 180.000 en 260.000 mensen gevangen
werden gehouden. Ongeveer 29.000 gevangenen overleefden de kampen niet.
De kentering leidde in 1993 tot de oprichting van
het Dokumentations- und Informationszentrum Emslandlager in Papenburg, waar het
werk van Albers te verkrijgen is. Niet alleen de geschiedenis wordt belicht,
ook onderzocht de Emmenaar wat er na al die jaren nog is overgebleven van de
kampen. Extra aandacht gaat in de brochure uit naar Wolfgang Langhoff
(schrijver van het boek Die Moorsoldaten), gevangene Carl van Ossietzky (in
1936 winnaar van de Nobelprijs van de Vrede), Willi Herold (de beul van het
Emsland), Mackzów (zoals het Duitse Haren na de bevrijding heette omdat het een
Pools dorp werd) en het drama van Putten (als wraak werden in 1944 alle mannen
van Putten op transport gezet naar Duitse concentratiekampen).
40 S., Abb. und Dok., DIZ Emslandlager, Papenburg 2002; ISBN 3-926277-11-4
(Vergriffen, nicht mehr lieferbar!)